Een stukje geschiedenis van paarden

Paarden leven al ongeveer 50 miljoen jaar. Dat is een stuk langer dan dat de mens bestaat. Vroeger werd een paard voornamelijk gebruikt als vervoermiddel en als hulp bij landbouwwerkzaamheden. Doordat de mensen al heel lang paarden fokken, zijn er veel soorten rassen ontstaan. Een paard is een edel dier en daarom noemen we de benen van een paard gewoon benen en niet poten. Ook de mond van een paard heet gewoon een mond. Dit in tegenstelling tot de meeste andere dieren, waar het een bek genoemd wordt.

Paardenrassen
Er zijn tegenwoordig meer dan 200 paardenrassen. Het verschil tussen de rassen is meestal duidelijk te zien aan de bouw van het paard, de hoogte en de kleur. Bepaalde rassen hebben bijvoorbeeld hele stevige benen, andere rassen hebben bijvoorbeeld altijd een zwarte vacht. Bekende paardenrassen zijn onder andere de Shetlandpony, Fjord, Fries, Belgisch Trekpaard en Arabier. Ook spreek je bij paarden over warm- en koudbloeden. Warmbloeden zijn vaak niet zo zwaar, zijn vrij fijn gebouwd en zijn over het algemeen snel. Koudbloeden zijn heel rustig en zijn vaak groter en zwaarder dan de warmbloeden.

Uiterlijk van een paard
Het merendeel van de paarden is zwart, donkerbruin, lichtbruin, voskleurig en grijs. De zogenaamde echte kleur van een paard verschijnt pas in het 2e levensjaar. Als je twijfelt over de echte kleur, dan kan je naar de manen, de staart en de haren van de neus kijken.

Lichaamsdelen
Een paard vertrouwt volledig op zijn neus. Zijn reuk is erg goed en hij kan al van ver af iets ruiken. Ook de oren van een paard werken goed. Een paard kan beter horen dan een mens. Een paard ziet met zijn ogen alles om zich heen, behalve voor en achter hem. Dat is ook de reden waarom je vaak te horen krijgt dat je nooit achter een paard moet gaan staan. Benader een paard altijd zijwaarts. De haren op de hals van een paard noem je manen. Paarden hebben hoeven, die bestaan uit hetzelfde materiaal als onze nagels. Aan de hoeven zit een hoefijzer om de hoeven (voeten) van het paard te beschermen. De staart van het paard wordt onder andere gebruikt om lastige vliegen mee weg te slaan.